Nederland en Spanje lijken op het eerste gezicht misschien geen landen die historisch veel met elkaar gemeen hebben. Toch zijn de twee landen al eeuwen met elkaar verbonden. Soms als bondgenoten, soms als tegenstanders en tegenwoordig vooral als Europese vrienden.
Dat begint al bij het Nederlandse volkslied. In het Wilhelmus wordt Spanje letterlijk genoemd. In het eerste couplet zingt Nederland al eeuwen:
“Den Coninck van Hispaengien heb ick altijt gheeert.”
Vrij vertaald: “De koning van Spanje heb ik altijd geëerd.”
Dat klinkt opmerkelijk voor een volkslied van een land dat juist tegen Spanje in opstand kwam. Maar achter deze zin zit een ingewikkeld stukje geschiedenis.
Willem van Oranje en de koning van Spanje
In de zestiende eeuw maakten de Nederlanden deel uit van het enorme rijk van de Spaanse Habsburgers. Filips II, koning van Spanje, was ook heer van de Nederlanden.
Willem van Oranje stond aanvankelijk helemaal niet tegenover de Spaanse koning. Hij was zelfs door Filips II benoemd tot stadhouder van Holland, Zeeland en Utrecht. Willem had bovendien eerder aan het hof van Filips’ vader, keizer Karel V, verbleven.
De relatie veranderde echter snel. Willem verzette zich onder meer tegen de centralisatie vanuit Brussel en de vervolging van protestanten. Uiteindelijk werd hij een van de belangrijkste leiders van de Nederlandse Opstand tegen Spanje.
Het Wilhelmus ontstond in die periode. Het lied wordt geschreven vanuit het perspectief van Willem van Oranje. Hij verklaart daarin dat hij trouw is aan zijn vaderland, maar tegelijkertijd respect heeft voor de Spaanse koning.
Dat verklaart die opmerkelijke regel over de “Coninck van Hispaengien”. Het is dus niet simpelweg een lofzang op de Spaanse koning. Het lied gaat juist over de loyaliteit, het geloof en het verzet van Willem van Oranje.
Van oorlog naar koninklijke familie
De geschiedenis tussen Nederland en Spanje bleef daarna eeuwenlang veranderen. De Tachtigjarige Oorlog eindigde uiteindelijk met de erkenning van de Nederlandse onafhankelijkheid. In 1648 werden Nederland en Spanje officieel vredepartners en begonnen de diplomatieke betrekkingen. Volgens het Nederlandse Koninklijk Huis onderhouden beide landen sindsdien formele diplomatieke relaties.
Ironisch genoeg zijn de twee landen die ooit zo lang met elkaar oorlog voerden tegenwoordig nauw met elkaar verbonden. En daar komt het huidige Nederlandse koningshuis om de hoek kijken.
Willem-Alexander en Máxima hebben een bijzondere band met Spanje
Voor koning Willem-Alexander en koningin Máxima is Spanje bovendien niet alleen een land waarmee Nederland historische banden heeft. Het is ook een persoonlijk belangrijk land.
Tijdens een toespraak bij het staatsbanket voor de Spaanse koning Felipe VI en koningin Letizia in 2024 vertelde Willem-Alexander dat Spanje een speciale plek in hun hart heeft. Hij verwees daarbij naar hun ontmoeting tijdens de Feria de Abril in Sevilla, waar volgens hem 25 jaar eerder de vonk oversloeg.
Ook hun oudste dochter, prinses Catharina-Amalia, heeft een bijzondere band met Spanje. Zij verbleef gedurende een periode in Madrid en kon vanuit daar haar studie in Nederland voortzetten. Spanje is daarmee niet alleen onderdeel van de geschiedenis van het Nederlandse koningshuis, maar ook van het persoonlijke verhaal van de huidige koninklijke familie.
De Spaanse en Nederlandse koninklijke families
Ook tussen de huidige koningshuizen bestaan goede contacten. Koning Felipe VI en koning Willem-Alexander kennen elkaar al lange tijd. In april 2024 bracht Felipe samen met koningin Letizia een staatsbezoek aan Nederland. Tijdens dat bezoek ontmoetten de beide koningsparen elkaar onder meer in Amsterdam en Den Haag.
Het staatsbezoek was bovendien meer dan een ceremonieel bezoek. Nederland en Spanje spraken onder andere over economie, technologie, energie en Europese samenwerking. Dat laat mooi zien hoe de relatie is veranderd. Waar Nederland en Spanje ooit tegenover elkaar stonden op het slagveld, werken ze nu samen binnen de Europese Unie.
Prinses Irene en de Spaanse Bourbons
De band tussen Nederland en Spanje loopt ook rechtstreeks door de Nederlandse koninklijke familie. Prinses Irene, dochter van koningin Juliana en prins Bernhard, trouwde in 1964 met Carlos Hugo de Bourbon-Parma. Hij was een telg van het Huis Bourbon-Parma en een Carlistische troonpretendent voor Spanje.
Het huwelijk veroorzaakte in Nederland grote politieke en maatschappelijke commotie. Irene trad voor haar huwelijk toe tot de katholieke kerk en vroeg geen toestemming aan het parlement. Daardoor verloor zij haar rechten op de Nederlandse troon.
Carlos Hugo maakte op dat moment aanspraak op de Spaanse troon, terwijl Juan Carlos uiteindelijk de opvolger van Franco zou worden en in 1975 koning van Spanje werd.
Irene en Carlos Hugo kregen vier kinderen. Hun oudste zoon, Carlos de Bourbon de Parme, werd in Nederland geboren en is tegenwoordig hoofd van het Huis Bourbon-Parma. Via zijn moeder is hij bovendien kleinzoon van koningin Juliana en familie van koning Willem-Alexander.
Een bijzonder Nederlands-Spaans verhaal dus, waarin de geschiedenis van de Spaanse troon letterlijk onderdeel werd van de Nederlandse koninklijke familie.

Niet alleen koningshuizen, maar ook kunst en cultuur
De historische verbinding is ook zichtbaar in de kunst. Een mooi voorbeeld is Jeroen Bosch, in Spanje bekend als El Bosco. Zijn schilderijen zijn tegenwoordig onder andere te bewonderen in het Prado in Madrid. Koning Willem-Alexander verwees tijdens het staatsbanket zelfs met een knipoog naar Bosch als een kunstenaar die Nederlanders en Spanjaarden graag met elkaar delen.
En natuurlijk is er Johan Cruijff.
Zijn invloed op het Spaanse voetbal, en vooral op FC Barcelona, is enorm geweest. Willem-Alexander noemde hem tijdens hetzelfde staatsbanket gekscherend de man die de Spanjaarden leerde voetballen.
Van vijanden naar buren in Europa
De relatie tussen Nederland en Spanje is daarmee behoorlijk bijzonder. Ooit waren de Nederlanden onderdeel van het Spaanse rijk. Daarna volgde een lange en bloedige onafhankelijkheidsstrijd. Het Wilhelmus ontstond in die periode en noemt de Spaanse koning nog altijd bij naam.
Eeuwen later zijn de rollen compleet veranderd. Nederlanders trekken massaal naar Spanje voor vakanties, overwintering of een permanent verblijf. Spanjaarden wonen, werken en studeren in Nederland. De economische banden zijn sterk en beide landen werken binnen Europa op allerlei gebieden samen.
Een geschiedenis die ooit begon met oorlog, eindigt voorlopig vooral met vriendschap, handel, voetbal, vakanties en heel veel Nederlanders die uiteindelijk besluiten: ik blijf hier gewoon wonen.





















