“Ik krijg het Spaans benauwd.” We zeggen het wanneer we ergens zenuwachtig van worden, ons grote zorgen maken of letterlijk behoorlijk benauwd zijn. Maar waarom eigenlijk Spaans? Heeft het iets te maken met de Spaanse hitte?
Nee. De oorsprong van deze opmerkelijke Nederlandse uitdrukking ligt waarschijnlijk in de geschiedenis van Nederland en Spanje.
Geen Spaanse hitte
Wie de uitdrukking voor het eerst hoort, zou kunnen denken dat Nederlanders eeuwen geleden tijdens een hete Spaanse zomer geen adem meer konden krijgen. Zeker in de zomer klinkt dat eigenlijk helemaal niet zo vreemd. Toch heeft “Spaans benauwd” niets met warmte of het klimaat van Spanje te maken.
Het woord Spaans had in het Nederlands vroeger namelijk nog een andere betekenis. Het kon behalve “uit Spanje afkomstig” ook hard, wreed of gewelddadig betekenen.
Die negatieve betekenis hangt samen met de herinnering aan de Spaanse overheersing tijdens de Tachtigjarige Oorlog (1568-1648). De strijd tegen de Spaanse koning en de verhalen over het harde optreden van de Spaanse troepen zorgden ervoor dat “Spaans” in het Nederlands een nogal beladen betekenis kreeg.
‘Spaans’ werd synoniem voor wreed
Dat zie je terug in verschillende oude Nederlandse uitdrukkingen.
Zo kon “het Spaans krijgen” betekenen dat iemand hard of wreed werd behandeld. Ook bestond de uitdrukking “het Spaans maken”, waarmee werd bedoeld dat iemand het te bont maakte of te ver ging.
Het bijzondere is dat deze negatieve betekenis van Spaans vooral in de achttiende eeuw in uitdrukkingen terechtkwam. De Spaanse troepen waren toen al lange tijd uit de Nederlanden verdwenen. De herinnering aan hun optreden was blijkbaar sterk genoeg om nog generaties later in de Nederlandse taal voort te leven.
Wanneer kwam ‘benauwd’ erbij?
Daar wordt het verhaal nog interessanter.
De uitdrukking “het Spaans benauwd krijgen” lijkt namelijk veel jonger te zijn dan de Tachtigjarige Oorlog zelf. Het oudste bekende voorbeeld dat Onze Taal heeft gevonden, komt uit een krant uit 1915, tijdens de Eerste Wereldoorlog. In het betreffende verhaal praten gemobiliseerde Nederlandse soldaten over hun dienst. Een van hen antwoordt op een nogal sarcastische opmerking:
“Krijg het Spaansch benauwd.”
Het is daarmee het oudste bekende krantenvoorbeeld van de uitdrukking. Daaruit blijkt dus dat de uitdrukking zoals wij die nu kennen waarschijnlijk pas aan het begin van de twintigste eeuw is ontstaan of in ieder geval toen aantoonbaar in gebruik was.
Waarom juist ‘benauwd’?
Het woord benauwd had oorspronkelijk een vrij letterlijke betekenis: in het nauw zitten, weinig ruimte hebben of moeilijk kunnen ademen. Maar al lang voordat “Spaans benauwd” ontstond, kon benauwd ook figuurlijk worden gebruikt. Je kon ergens bang voor zijn, je zorgen maken of je in een moeilijke situatie bevinden.
En zo ontstond uiteindelijk de combinatie die we vandaag nog steeds gebruiken. Wie het Spaans benauwd krijgt, zit figuurlijk dus behoorlijk in de rats.
Heeft het echt met de Spanjaarden te maken?
Waarschijnlijk wel, maar niet rechtstreeks met één specifieke historische gebeurtenis. Dat is een belangrijk verschil. Er is geen bewijs dat de uitdrukking bijvoorbeeld is ontstaan doordat Nederlandse soldaten tijdens de Tachtigjarige Oorlog door Spaanse soldaten werden opgesloten of gemarteld en daardoor letterlijk geen lucht kregen.
De taalkundige verklaring is veel algemener: Spaans kreeg door de historische beeldvorming rond de Spaanse overheersing de betekenis hard, wreed of bedreigend. Later werd dat gecombineerd met benauwd, in de betekenis van angstig of in het nauw gebracht. De precieze stap van “Spaans” naar “Spaans benauwd” is volgens Onze Taal niet volledig gedocumenteerd. We weten wel dat de combinatie in 1915 aantoonbaar voorkomt.
Van Spaanse overheersing naar dagelijks taalgebruik
Het bijzondere aan taal is dat historische gebeurtenissen soms eeuwen later nog in heel gewone woorden en uitdrukkingen terug te vinden zijn. Veel Nederlanders staan er nooit bij stil wanneer ze zeggen:
“Daar krijg ik het Spaans benauwd van.”
Toch verwijst dat ene woord Spaans indirect naar een periode waarin de Nederlanden in oorlog waren met Spanje. En inmiddels heeft de uitdrukking natuurlijk niets negatiefs meer met de Spanjaarden zelf te maken. Een Nederlander die tijdens een hittegolf op een terras aan de Costa roept dat hij het Spaans benauwd krijgt, gebruikt gewoon een Nederlandse uitdrukking.
Al zou je daar, gezien de temperaturen in Spanje, natuurlijk ook een heel letterlijke interpretatie aan kunnen geven.
De volgende keer dat je zegt dat je het Spaans benauwd krijgt, draag je dus, zonder het waarschijnlijk te beseffen, een klein stukje Nederlandse geschiedenis met je mee. En nee, daar hoef je niet benauwd van te worden.





















