Het duurt nog wel even hier in Zuid-Spanje, maar zodra de temperatuur in Spanje onder de 25 graden zakt, gebeurt er iets bijzonders. De Spaanse man trekt een bodywarmer aan. Geen grap.
Niet omdat het nu ineens Siberische temperaturen zijn. Integendeel. Overdag kan de zon nog gewoon schijnen en zit je met een wijntje op een terras. Maar zodra er een fris windje staat en de temperatuur iets daalt, verschijnt hij: de bodywarmer. In het Spaans chaleco acolchado.
En ik heb inmiddels het idee dat er in Spanje geen man bestaat die er géén in zijn kast heeft hangen.
Het uniform van de Spaanse man
Loop op een winterochtend door een Spaanse stad en je ziet ze overal. Op weg naar kantoor, bij de bakker, op het terras of achter het stuur van een SUV. Meestal gecombineerd met een overhemd, polo of trui. En natuurlijk een lange broek.
De bodywarmer is daarbij niet zomaar een kledingstuk. Het is bijna een soort onofficieel Spaans uniform. Vooral de licht gewatteerde variant is populair. Donkerblauw, zwart, grijs of beige. Liefst met een logo van een bekend merk op de borst.
En hoe ‘kouder’ het wordt, hoe dikker de bodywarmer.
Waarom geen jas?
Dat is misschien wel het grootste mysterie. In Nederland trekken we bij kou gewoon een jas aan. Een dikke jas, liefst waterdicht en winddicht. In Spanje lijkt dat al snel wat overdreven. Een bodywarmer is de perfecte tussenoplossing.
Je armen blijven vrij, je kunt gemakkelijk autorijden en je hebt het gevoel dat je toch lekker warm bent. En laten we eerlijk zijn: met een gemiddelde Spaanse winter waarbij de temperatuur overdag regelmatig rond de 17 tot 20 graden ligt, heb je meestal ook helemaal geen dikke winterjas nodig.
Het grootste voordeel? Je kunt de bodywarmer aanhouden wanneer de zon doorbreekt. Want een Spaanse winter kan nogal wat stemmingswisselingen hebben.
’s Ochtends 14 graden. Om twaalf uur 18. Om drie uur 23.
En zodra de zon achter een gebouw verdwijnt, is het weer tijd om de rits dicht te doen.
Van zakenman tot pensionado
Het mooie is dat de bodywarmer werkelijk alle leeftijdsgroepen heeft veroverd. De jonge Spaanse professional draagt hem over een overhemd. De ondernemer combineert hem met een polo. De gepensioneerde man draagt hem over een trui.
En bij allemaal zit hij ongeveer hetzelfde: netjes, praktisch en vooral niet te ingewikkeld. Het is kleding die zegt: ik heb het een beetje koud, maar ik ga daar geen jas voor aantrekken.
En dan heb je nog de zomer
Voor wie denkt dat de bodywarmer alleen in de winter wordt gedragen: nee. Ook op frisse zomeravonden kun je ze tegenkomen.
Vooral in het noorden van Spanje is een bodywarmer natuurlijk veel logischer, maar ook aan de Costa del Sol verschijnt hij zodra de avondtemperatuur een beetje begint te dalen. Als Nederlander die in Spanje woont, moet je er misschien even aan wennen. Je zit zelf nog in een T-shirt op het terras terwijl de Spanjaard naast je zijn bodywarmer aantrekt. Je kijkt naar de thermometer. 23 graden.
Jij denkt: valt toch wel mee? De Spanjaard denkt: invierno (winter).
Eén ding is zeker
De bodywarmer is in Spanje inmiddels zoveel meer dan praktische kleding. Het is een stukje Spaanse cultuur geworden. En ik durf er inmiddels bijna een bodywarmer om te verwedden dat als je bij een willekeurige Spaanse man thuis in de kledingkast kijkt, je er eentje vindt. Waarschijnlijk zelfs meerdere.
Dus zodra de eerste frisse dagen zich aandienen en je ineens overal mannen met gewatteerde torso’s ziet rondlopen, weet je hoe laat het is.
Het Spaanse najaar is begonnen. En nee, het is nog steeds ‘maar 23 graden’ in de herfst.





















