Strijd om het bloot op de Costa Tropical

Op Cantarriján is een kleine strandoorlog uitgebroken. Niet tussen Spanje en een buurland, maar tussen naturisten en mensen die liever gewoon hun zwembroek aanhouden.

Wie denkt dat een dagje strand in Spanje vooral bestaat uit zonnen, zwemmen en een koud drankje, moet eens naar Playa de Cantarriján aan de Costa Tropical. Daar wordt momenteel gestreden om iets veel belangrijkers: de vraag hoeveel kleding er eigenlijk nodig is op het strand.

Cantarriján, bij La Herradura op de grens van Málaga en Granada, heeft een bijzondere reputatie. Het strand was in 1979 de eerste officieel aangewezen naturistenplek van Andalusië. Sterker nog: liefhebbers van naakt recreëren kwamen hier volgens de overlevering al sinds de jaren zestig zonder zwemkleding genieten van de zon. En dat ging jarenlang prima.

Twee baaien, twee opvattingen

Cantarriján bestaat uit twee kleine baaien. In het eerste gedeelte vind je strandbedden, restaurants en strandbars. Daar lopen inmiddels steeds meer mensen rond mét zwemkleding.

In het tweede, wat ruigere deel is de oorspronkelijke sfeer grotendeels behouden gebleven en is kleding nog altijd optioneel. Maar de verhouding tussen de twee groepen is de laatste tijd wat minder ontspannen geworden.

De naturisten spreken over de ‘textiles’: mensen die hun zwemkleding wél aanhouden. En die textiles zouden volgens de naturisten steeds meer invloed krijgen op het karakter van het strand. Een aantal bezoekers zou zelfs bezwaar hebben gemaakt tegen naakte badgasten omdat kinderen daarmee zouden worden geconfronteerd.

Dat argument valt bij de naturisten niet bepaald in goede aarde. Volgens hen bestaat er op een strand nu eenmaal zoiets als een lichaam.

Tijd voor actie

Toen bovendien een strandbar een speciaal gedeelte waar naturisten konden eten en drinken schrapte na klachten van geklede bezoekers, was voor de naturistenvereniging Amigos de la Playa Nudista de Cantarriján de maat vol. Maar in plaats van boos met spandoeken te gaan zwaaien, kwamen ze met een aanpak die uitstekend past bij een Spaanse stranddag.

Trek je kleren uit en krijg een biertje.

De vereniging moedigt bezoekers aan om bij aankomst hun zwemkleding uit te trekken. Wie dat doet, kan rekenen op een gratis biertje. Een nogal effectieve vorm van campagne voeren, want er zijn slechtere manieren om mensen van een standpunt te overtuigen.

De menselijke blote ketting

Het hoogtepunt van het protest kwam op 22 augustus. Bijna honderd naturisten vormden een menselijke ketting in zee om duidelijk te maken dat Cantarriján volgens hen ook in de toekomst ruimte moet blijven bieden aan naturisme. De boodschap was duidelijk: de naturisten zijn niet van plan hun strand zomaar op te geven.

Volgens de vereniging hebben mensen die graag hun zwemkleding aanhouden bovendien al ongeveer 95 procent van de Spaanse kust tot hun beschikking. Een argument waar weinig tegenin te brengen valt. Al blijft natuurlijk de vraag hoe iemand precies aan die 95 procent is gekomen.

Mag je eigenlijk naakt op het strand?

Dat is misschien wel het opvallendste onderdeel van het verhaal. Naakt zijn op een Spaans openbaar strand is in principe niet verboden. Spanje heeft openbare naaktheid al tientallen jaren geleden uit het strafrecht gehaald. Gemeenten kunnen wel bepaalde regels instellen voor specifieke locaties.

Naturisme is aan de Costa Tropical dan ook bepaald geen nieuw verschijnsel. De officiële toeristische dienst van de Costa Tropical noemt momenteel vier naturistische stranden: Cantarriján, El Muerto, La Joya en Cala del Ruso.

Het strand blijft dus gewoon bestaan

Voorlopig lijkt niemand van plan om Cantarriján op te splitsen in een ‘broek aan’- en ‘broek uit’-zone. En misschien is dat ook helemaal niet nodig.

De twee groepen hebben immers hetzelfde doel: een dag aan zee. De één doet dat met een zwembroek, de ander zonder. En zolang beide partijen elkaar een beetje de ruimte geven, zou dat toch moeten lukken. Al kan het natuurlijk nooit kwaad om bij aankomst eerst even te kijken welk gedeelte van het strand je hebt gekozen.

Foto: AI