Het geheim van de Spaanse kust: de rode tonijn

Wie in het voorjaar langs de kust van Cádiz rijdt, kan zomaar in een eeuwenoud vissersritueel terechtkomen. Voor de kust van Barbate, Zahara de los Atunes, Conil en Tarifa aan de Costa de la Luz wordt dan de almadraba opgebouwd. Het doel: de migrerende rode tonijn vangen voordat hij via de Straat van Gibraltar de Middellandse Zee in trekt.

En dat is geen gewone visvangst. De rode tonijn is hier zo belangrijk dat hij bijna een lokale beroemdheid is.

Een vis van honderden kilo’s

De Spaanse naam is atún rojo, de Nederlandse naam rode tonijn en de wetenschappelijke naam Thunnus thynnus. Het zijn indrukwekkende dieren. Een volwassen exemplaar kan honderden kilo’s wegen en sommige vissen zijn zelfs groter dan een gemiddelde Spanjaard ooit zou willen vervoeren.

In april 2026 begon de nieuwe vangstseizoen in Barbate met de eerste levantá. Tijdens die eerste vangst werden tientallen tonijnen binnengehaald, waaronder een exemplaar van maar liefst 350 kilo.

De naam levantá verwijst naar het moment waarop de netten van de almadraba omhoog worden gehaald en de tonijnen naar boven komen. Het is een spectaculair schouwspel waarbij tientallen mensen samenwerken om de enorme vissen aan boord te krijgen.

Een techniek van duizenden jaren oud

Het bijzondere is dat de basis van deze vismethode nauwelijks nieuw te noemen is. De almadraba bestaat al sinds de tijd vóór de Romeinen. Voor de kust wordt een ingewikkeld systeem van netten aangelegd dat de tonijnen tijdens hun migratie richting de Middellandse Zee geleidt.

De vissen zwemmen als het ware een doolhof in. Uiteindelijk komen ze terecht in het zogenaamde copo, het gedeelte waar de vangst wordt geconcentreerd. Daar vindt de levantá plaats. Volgens de toeristische dienst van Barbate wordt deze vorm van tonijnvisserij hier al ongeveer drieduizend jaar beoefend.

Dat maakt een bezoek aan een almadraba eigenlijk meer dan een kijkje bij de visserij. Je kijkt naar een stukje levende geschiedenis.

Waarom juist hier?

De ligging van Cádiz is geen toeval. Rode tonijnen trekken vanuit de Atlantische Oceaan richting de Middellandse Zee om daar te paaien. De Straat van Gibraltar vormt daarbij de natuurlijke doorgang.

Precies op die route liggen de vier Spaanse almadraba’s aan de Atlantische kant van de Straat: Conil, Barbate, Zahara en Tarifa. Barbate heeft zich daardoor ontwikkeld tot een van de belangrijkste plaatsen voor rode tonijn in Spanje. De vis is er niet alleen een product, maar onderdeel van de lokale cultuur en economie.

Van 350 kilo naar tientallen verschillende stukken

Na de vangst begint een minstens zo interessant onderdeel: het ronqueo. Dat is het traditionele handmatige fileren van de tonijn. De naam komt van het geluid dat het mes maakt wanneer het langs de graat gaat. En wie denkt dat een tonijn gewoon in een paar dikke steaks wordt gesneden, heeft nog wat te leren.

Vrijwel ieder deel van de vis heeft zijn eigen naam, structuur, vetgehalte en culinaire toepassing. Zo zijn bepaalde stukken bijzonder vet en zacht, terwijl andere delen juist steviger zijn en zich uitstekend lenen voor grillen of stoofgerechten.

Een grote tonijn levert daardoor een indrukwekkend aantal verschillende stukken op.

Waarom is rode tonijn zo duur?

De prijs heeft met verschillende factoren te maken. Het gaat om een grote, langzaam groeiende roofvis waarvan de vangst streng wordt gereguleerd. Daarnaast is de vraag naar kwalitatief hoogwaardige rode tonijn internationaal enorm.

De vis wordt bovendien niet alleen in Spanje gegeten. Japan is een belangrijke afzetmarkt voor blauwe vinvintonijn en Spaanse tonijn is internationaal gewild.

Tegelijkertijd is de situatie van de vispopulatie de afgelopen jaren sterk verbeterd door internationale beheermaatregelen. Voor 2026–2028 is de internationale quota voor rode tonijn in het oostelijke deel van de Atlantische Oceaan en de Middellandse Zee opnieuw aangepast. Voor de almadraba’s in Cádiz kwam de gezamenlijke quota voor 2026 uit op ongeveer 1.400 ton.

Dat betekent overigens niet dat iedere rode tonijn die je in Spanje tegenkomt uit een almadraba komt. Op het etiket en bij de visboer moet je dus goed kijken naar herkomst en vangstmethode.

Het seizoen is kort

Wie de echte ervaring wil meemaken, moet zijn timing goed kiezen. De traditionele almadraba-vangst vindt voornamelijk plaats tussen april en juni. De exacte periode verschilt per jaar en per almadraba.

In Barbate wordt de komst van de tonijn uitgebreid gevierd. In 2026 vond de XVIII Semana Gastronómica del Atún plaats van 22 april tot 3 mei. Daarbij deden 33 horecazaken mee aan de tapasroute en waren er in totaal 45 verschillende tonijngerechten te proeven.

Ook in het naastgelegen Zahara de los Atunes draait in het voorjaar alles om de tonijn. Tijdens de Ruta del Atún kun je bij verschillende restaurants en bars creatieve gerechten met rode tonijn proeven. Zahara is bovendien een stuk kleinschaliger en sfeervoller dan Barbate, met smalle straatjes, witte huizen en een lange boulevard langs het strand. Voor liefhebbers van tonijn is het dan ook een leuke plek om gastronomie en een dagje aan zee te combineren.

En daarna? Naar het restaurant

De rode tonijn van de almadraba wordt op allerlei manieren bereid. Rauwe tonijn, bijvoorbeeld als tartaar of sashimi, laat de structuur en het vet goed tot zijn recht komen. Maar ook gegrild, kort gebakken of verwerkt in traditionele Andalusische gerechten kom je de vis veel tegen.

Vooral in Barbate, Zahara de los Atunes, Conil en Tarifa staat de tonijn in het voorjaar prominent op de kaart.

Dat is voor bezoekers een leuke combinatie: een dag aan het strand, een wandeling door een van de witte kustplaatsen en daarna een bord atún rojo de almadraba. Dat is toch net iets anders dan een blikje tonijn uit de supermarkt.

Kun je het hele jaar rode tonijn eten?

Ja. Maar daar zit een kleine Spaanse visserijtruc achter.

Tijdens het seizoen wordt een deel van de tonijn vers verkocht. Andere vis wordt na de vangst en verwerking diepgevroren, onder meer bij zeer lage temperaturen tot ongeveer -60 °C. Daardoor kan rode tonijn van de almadraba ook buiten het korte vangstseizoen worden verkocht. Wie specifiek de verse tonijn van de nieuwe vangst wil proeven, kan dus het beste in het voorjaar naar de kust van Cádiz.

Van vis naar cultuur

Misschien is dat uiteindelijk het interessantste aan de rode tonijn in Spanje. Het gaat allang niet meer alleen over eten. De almadraba bepaalt al eeuwen het ritme van plaatsen als Barbate. De vangst brengt vissers, handelaren, restaurants en bezoekers bij elkaar. Er zijn gastronomische weken, rondleidingen, demonstraties van het ronqueo en speciale menukaarten.

En iedere lente begint hetzelfde ritueel opnieuw. De netten worden klaargemaakt. De tonijnen trekken vanuit de Atlantische Oceaan richting Gibraltar. De boten wachten En dan komt de levantá.

Een eeuwenoud spektakel waarbij een vis van honderden kilo’s uiteindelijk eindigt als een bordje sashimi, een tonijnsteak of een tapa in een bar aan de Andalusische kust. Best een indrukwekkende reis voor één vis.